Terwijl ik de afslag Apeldoorn neem zie ik rechts van me een huis met een serieuze crossbaan er achter. ‘Hier moet het zijn’, denk ik, maar de navigatie heeft andere plannen. Jammer wel. Het had mooi in mijn verhaal gepast. Het verwachte ‘huis achteraf’ is midden in het dorp. De dikke Sprinter verraadt de locatie. Nog voor ik aan kan bellen gaat de voordeur open. Freek kijkt fris en lijkt ‘in shape’. Atletisch gebouwd met cap en een vriendelijke lach. Ook weer een jongen die van zijn 21 levensjaren er al 16 op een motor zit. Hij weet niet beter. Onder de slingers door gaat hij me voor naar de woonkamer. ‘Mijn moeder is jarig vandaag, wil je taart?’ Taart moet, vind ik. Zeker op een verjaardag. Freek hangt relaxed onderuit in de bank. Voeten tegen de tafel.

  

‘Ik weet dat ik goed mee moet kunnen’

Met een vers getekend contract in de la voelt het leven een stuk prettiger. ‘Ik hou niet van die onzekerheid. Het is nog vroeg, ik weet het, maar dingen kunnen maar geregeld zijn’. Bouwen aan 2018. Zo is het ook. Een cross seizoen stopt nauwelijks. Zodra de laatste wedstrijd gereden is staat de focus alweer op het nieuwe seizoen. ‘Het wordt een belangrijk jaar’, zegt hij met een serieus gezicht. De EMX is een pittige klasse, maar voor zijn gevoel toch een stapje terug. Van Creymert heeft hij van het GP geweld mogen proeven en dat smaakte zeker naar meer. De opbouw ging lekker. De snelheid was er vaak wel. De progressie was duidelijk te zien, tot een blessure zijn seizoen vroegtijdig afkapte. ‘Dat was echt een domper, want het ging gewoon lekker’. Dat is het rotte van het vak he. Je kan er zomaar een deel van het seizoen uitliggen. Kostbare weken, maanden zijn dat dan. ‘Ik ben alweer 21 en nu moet het gewoon gebeuren’, zegt hij standvastig. Het is natuurlijk ook zo. Als je in deze fase een paar keer pech hebt staat zomaar je carrière op het spel. Je bent al snel te oud.

‘Die mensen ben ik zo dankbaar’

Freek is er nu al helemaal klaar voor. ‘Ik weet dat ik goed mee moet kunnen in de EMX. Dit is de kans om te laten zien wat ik waard ben. Er waren meerdere opties voor Freek, maar zijn keus was snel gemaakt. De communicatie verloopt goed en de klik was er ook meteen met Patrick, de teammanager van het Carglass Honda Team. Dat het een Honda is geworden maakt hem weinig uit. Als je eenmaal een beetje op niveau crosst, maakt het merk van de motor niet meer uit. Na één ronde, hooguit twee, weet je al niet beter meer. Hij heeft nu 5 keer op de Honda getraind en het voelt goed. Alles eromheen lijkt me ook perfect geregeld. Ze hebben bij Carglass de dingen wel voor elkaar en dat geeft een vertrouwd gevoel. Het is zo belangrijk dat je lekker in je vel zit. Ook bij Creymert zat Freek op zijn plaats. ‘Die mensen ben ik zo dankbaar. Ze waren en zijn als het ware familie voor me. Een warm nest waar, met de normale beperkingen, alles kon en mocht. Soms was ik daar een week in huis en voelde ik me gewoon bezwaard. Niets was te veel. Dat ik daar weg moest had niets met het team zelf te maken. Soms kunnen dingen niet meer en moet je keuzes maken. In een ‘wandelgang’, kwam hij Patrick Claessen tegen. Freek liet doorschemeren wat hij graag wilde en dat paste feilloos in de plannen van het Carglass team. Toen ging het snel.

‘Ik ben absoluut geen dromer’

Ondanks het een stapje terug lijkt te zijn, ziet Freek het als een opstap. Ik wil een ‘dik’ seizoen maken. Alles uit de kast en laten zien waartoe ik in staat ben. Je moet een beetje geluk hebben, maar je hebt ook veel zelf in de hand natuurlijk. Aan de fitheid zal het niet liggen, daar zorg ik wel voor. Hij leeft niet als een monnik, maar doet alles wat nodig is het maximale uit zichzelf te halen. Ik wil mijn krachten niet moeten verdelen. ‘Ik train op 40 minuten volle bak. Ik moet de hele manche los kunnen gaan. Zodra ik te zien krijg dat de snelheid vergelijkbaar is met de jongens voor me, moet ik er naartoe. Zo snel mogelijk’. ‘No time to waste’. Hij lacht. ‘Als ik dit seizoen goed af kan sluiten is er misschien wel een kans nog een jaar GP’s te rijden alvorens ik de overstap moet maken naar de MX1’. Dat is zijn toekomstbeeld. Nee, geen droom. ‘Ik ben absoluut geen dromer, maar heb een duidelijk doel. Mijn ouders hebben me op een liefdevolle manier de realiteit van het leven geleerd en laten zien dat de meeste dingen niet vanzelf gaan. Mijn ouders hebben zichzelf veel ontzegd om Shana en mij dit te kunnen laten doen. Daar zijn we ze erg dankbaar voor. Het vervelende is soms dat ik me bezwaard voel als ik besef wat er, zeker financieel,  nodig is ons aan de gang te houden. Dan kun je alleen maar heel dankbaar zijn en veel respect hebben voor die mensen. Ze zijn tevreden met hun leven en dat wil ik graag zo houden’.

Shana

Shana valt binnen en komt er even bij zitten. Ze zijn allebei mondiger dan ik dacht. We praten even over de ‘crossvrouwen’. Ze kijkt niet op tegen de andere dames in haar klasse. Met lof praat ze over de haar crossgenoten en dat siert. ‘We hebben een brede dames top en dat is toch wel heel mooi voor zo’n klein landje’. Shana gaat, zoals het er nu uitziet, in 2018 privé. Verder wil ze nog even niet uitweiden over de plannen. Ze moet gaan, helaas. Nog even een paar uurtjes school maken. Tas op haar rug. Ik leg haar mondeling vast voor een ‘date’. Dat wilde ik al langer. ‘Ja goed hoor, dan hoor je alles wel. we bellen’.

Klaar voor de wereld

Voor het eerst in zijn crossloopbaan gaat Freek wat meer zijn eigen weg. ‘Mijn vader heeft het nog steeds erg druk in zijn zaak en ik ben inmiddels op een leeftijd gekomen wat meer op eigen benen te gaan staan. Dingen zelf regelen. Er is geen ruzie of tweestrijd, absoluut niet. Natuurlijk vallen er wel eens woorden, maar dat is niet anders dan in een ‘normaal’ gezin. Ik voel me zeker niet alleen gelaten. Het is fijn volwassen te worden. Niet alleen in de sport. Mijn ouders hebben geweldig voor me gezorgd en daarom wil ik graag laten zien dat ze dat heel goed hebben gedaan. ‘Klaar voor de wereld en de rest van mijn leven, zeg maar’.

Tot het bot verslaafd

Levenslange sponsor en huisvriend Appie Kelman van Autobedrijf ‘De Assel’ in Apeldoorn zit tegenover me. ‘Ik ga zo hoor’, zegt hij bijna verontschuldigend, maar hij zit alles behalve in de weg. Kees heeft Freeks vader als beste vriend indertijd gesteund in zijn cross carrière. Gesponsord en geholpen waar hij kon. ‘Toen de kleine Freek op een motor klom vond ik dat geweldig. Mijn eigen kinderen crossten geen van allen, dus ben hem als het ware als een crosszoon gaan zien. Toen bleek dat Freek een bovengemiddeld talent bezat, ben ik ook hem blijven steunen’. Nu zijn ze veel samen op pad. ‘Je mag best een tweede vader hebben toch?’. Kees adviseert en steunt. Het is vaak ook wat makkelijker dingen aan te nemen van iemand die wat verder van je af staat dan je eigen ouders. Tips geven is er niet bij, want Kees crosste zelf nooit. ‘Wel tot het bot verslaafd’, lacht hij. Dat kan dus ook gewoon. Freeks vader zal er toch wel zoveel mogelijk bij zijn. Tijdens het Europese avontuur ligt dat wat moeilijker. Je bent dan makkelijk een dag of vier weg en dat gaat gewoon niet als je een eigen bedrijf hebt. Als hij gaat zullen het toch meer de wedstrijden zijn die een beetje in de buurt worden verreden en wellicht alleen de bewuste wedstrijddag. Het team zorgt voor hem en dat dien je te accepteren, ook al is dat erg moeilijk. ‘Zo hebben ze mooi wat meer tijd om van en met elkaar te genieten, want er schijnt meer te zijn in de wereld dan motorcross hoorde ik laatst’. De mannen lachen.

Ik wil gewoon rijden

‘Vanavond gaan we op stap’, zegt Freek met grote ogen. Dat doet hij eigenlijk zelden, maar nu kan het nog even-. Het is ook dat hij morgen uit kan slapen, want ik heb nog geen motor hier. Heel even pas op de plaats maken dus. Niet erg als je weet wat er staat te wachten. Dat wachten vindt Freek moeilijk. Ja, ik wil gewoon rijden. Bouwen aan en plannen maken. Freek is meer dan klaar. Zijn lichaam smeekt en de wil is meer dan duidelijk.

Eén stap terug en twee vooruit…

Foto’s met dank aan: CrossXL – MxMag – mhmxpics.nl