Mijn zwager crosst. Ik ken hem niet anders dan de crosser.
Voor hij met mijn zus scharrelde was hij al bevriend met m’n broer Ruud. Thuis hadden ze een boerderij met een grote schuur. Joekels van trekkers en ook karren die zijn vader zelf maakte. Zijn vader maakte alles zelf volgens mij.
Harde werkers, hij en zijn vrouw, echte boeren. Jan crosste en Jaap, zijn broer, ook. Hans, de oudste, was meer een techneut. Geweldig vond ik het. Twee gloednieuwe Yamaha’s 125 stonden er naast elkaar. Vaak fietste ik erheen als mijn broer er was. Waarschijnlijk liep ik in de weg maar dat maakte me niet uit.
Ik moest het zien en horen. De geur van de olie deed me wegdromen. Regelmatig joeg hij een van zijn motoren het land van zijn vader over.
Alles kon en mocht nog in die tijd, althans zo leek het. Jan crosste zijn wedstrijden en ik droomde ervan. Jaren later, toen ik de crossziekte van mijn pa had overgenomen, kreeg hij iets met mijn zus. Op die manier stonden we op een gegeven moment dan ook wel eens samen aan het starthek.
Bizar was het wel. De man naar wie ik zo opgekeken had stond naast me aan het hek. Nee, ik heb hem nooit bij kunnen houden, dat niet, maar vond het wel altijd geweldig om samen te rijden. Jan rijdt netjes, zeker en valt praktisch nooit.
Neemt geen onnodige risico’s en is waarschijnlijk daarom ook altijd blessurevrij gebleven. Hij neemt in de training de baan in zich op en rijdt zijn eigen lijnen, zoals het hoort.
Jan heeft me heel veel geholpen vroeger. Laste mijn uitlaat als ik ‘m weer eens dubbel had gereden, zodat ik de volgende dag toch weer mee kon doen. Ik was jong en zag het niet altijd maar Jan stond altijd voor me klaar, met wat dan ook.
Hij behandelde me als een broer en ik durf best te zeggen dat ik dat niet altijd gewaardeerd heb in die tijd. Niet omdat ik hem niet dankbaar was, maar meer omdat ik het gewoonweg niet zag. Pas veel later ga je anders naar het leven kijken en zie je zulke dingen ineens wel. Gelukkig maar.
Er is intussen veel gebeurd maar de vriendschap is er nog steeds. Ook al zien we elkaar een stuk minder door de behoorlijke afstand tussen onze woonplaatsen, toch is het altijd goed. Ik zeg het hem niet vaak maar ik waardeer hem wel.
Om wat hij voor mij heeft betekend en nog. Om zijn zorg voor mijn zus Karin en hun twee kanjers van dochters, Ramona en Sabrina.
Jan is uiteindelijk gewoon een eerlijke, goeie vent met veel gevoel. Een overenthousiast mensenmens die graag deelt en zorgt. Jan is Jan en dat is goed. Helemaal zichzelf en zal dat altijd blijven.

Binnenkort gaan we samen trainen, ergens. Maakt me niet uit waar, als we maar gaan…