(Door Olav Heijt)

Een zaal vol, voor mij onbekende, mensen met naam. Naar ik hoorde gekend en op handen gedragen door crossers uit Belgie en ook Nederland. Rijders en alles wat er omheen hangt. Twijfelend loop ik tussen twee rijen door naar een tafeltje achterin de zaal. Liever geen middelpunt. Nooit. Al snel wordt ik opgepikt door organisator Frank van Hoydonck. Samen met zijn broer Dirk is hij verantwoordelijk voor de wekelijkse uitgave van Motor Gazet.

Door een accreditatieaanvraag voor de jaarlijkse internationale cross in Wuustwezel raakten we in contact. Gecharmeerd van mijn ingezonden stuk van die bewuste wedstrijd gaf Frank aan wel wat vaker een stukje te willen plaatsen. Sindsdien is er bijna wekelijks een column van mijn hand te vinden op een van de eerste pagina’s. Verrast maar vooral vereerd door deze aandacht. Het besef dat je gepubliceerd wordt in één van de weinige printuitvoeringen die nog rest in de wereld van motorsportbladen. Ik knip ze uit en de laatste hang ik op aan mijn whiteboard. De rest netjes in een map. Ja, ik ben er trots op.

Mooie verhalen

‘Fijn dat je kon komen’, zegt Frank en geeft me een ferme hand. Ik krijg een plaats aan een van de twee lange tafels. Ze kennen elkaar allemaal. Ik ben de vreemde eend in dit gemengde gezelschap. Tijdens het eten luister ik links en rechts. Mooie verhalen en anekdotes passeren. Ik besef maar weer eens dat ik van geluk mag spreken dat mijn vader me indertijd van cross naar cross sleepte. Deze sport heeft me al zoveel mooie momenten bezorgd. Nog steeds. Tegenover me zit Leon van Gestel. Ik ken hem al een tijdje, maar dat is altijd erg oppervlakkig geweest. Wederzijdse waardering en gedeelde passie. We hebben het over verschillende dingen en mensen. Leon weet veel. Hij loopt natuurlijk al eventjes mee in de crosswereld, maar ook daarbuiten is hij erg goed op de hoogte van het wereldse wel en wee. Auto’s, politiek en maatschappelijke items worden aangesneden, waar Leon zicht op, maar zeker ook een duidelijke mening over heeft. Mooi.

Met glanzende ogen

Ik raak in gesprek met verslaggevers en fotografen van verschillende Belgische crossbonden. Allemaal tot op het bot verziekt en verslaafd. Echtgenotes helpen, of hebben het allang opgegeven. ‘Ik ken hem niet anders’, zegt Leons vrouw met een trots gezicht. Frank geeft een speech en deelt prijzen uit. Met het uitdelen van een overvolle goodiebag laten de ‘Hoydoncks’ zien dat Motor Gazet nog steeds gewaardeerd wordt in crossminnend Belgie. ‘We gaan er weer een jaartje voor’, zegt Frank met glanzende ogen. Ze zijn trots. Niet alleen op de nog steeds hoge lezersaantallen, maar zeker ook op de hechte groep met hondstrouwe medewerkers waarvan ik deel mag uitmaken.

Eerlijk nieuws

Zij maken de krant tot wat die nog steeds is. Ondanks er veel bladen (moeten) verdwijnen staat de Gazet nog steeds als een huis. Al jaren. Met de eigen inbreng en de vereende kracht van sponsoren en adverteerders zal de Gazet overleven.

De enige krant met eerlijk nieuws. Passie van makers en rijders…

 

Ergens heb ik wel het gevoel dat ufo’s bestaan. Kunnen bestaan. Waarom ook niet. Alleen het live spotten van zo’n apparaat zou deze gedachte kunnen bevestigen. Dan hoef ik nog niet eens mee.

Een genezingsproces versnellen

Met dit gevoel zit ik vandaag dus weer. Willem Verbruggen schijnt een ufo van het zuiverste soort. Ik sprak hem al regelmatig en hoorde wat hij deed. Niet eens van hemzelf. Hij vertelde me wel eens wat het ‘zo’n beetje’ inhoudt, maar daar kreeg ik toen geen duidelijk beeld bij. Een genezingsproces versnellen, daar kwam het kort gezegd op neer. Medisch gezien onmogelijk, wat de interesse in deze man en zijn praktijk bij mij deed opwekken. Willem wilde eerst helemaal geen gesprek. Geen verhaal. Hij loopt vooral niet met zichzelf te koop en gaat vaak publiciteit uit de weg. Het siert hem. Ik hoorde al dat de groten der crossaarde zich met veel succes lieten behandelen. Ik zou me nog wel met een dikke kluit het riet in laten sturen, maar Herlings, Pootjes en Bogers? Nagl en Fevbre? Dankers, Meuwissen en Conijn? Van der Werff, Stoutjesdijk en ga zo maar door. Tegen mijn natuur in bleef ik aandringen en kreeg mijn zin.

De afspraak hem eens te bezoeken stond al lang, maar zochten beiden naar een juist moment. Ik wil hem niet testen. Wie ben ik tenslotte. Maar mijn zoon heeft ‘bij toeval’, twee lastige en langlopende blessures in lies en knie. ‘Hou maar drie weken totale rust’, zo vond zijn huisarts. Na deze methode een paar keer te hebben gevolgd verdween onze hoop op herstel.

[logo-carousel id=banners-2]

Een zwelling slinkt en pijn verdwijnt

Omdat ik me nogal eens misreken in tijd en af te leggen kilometers vertrekken we ruim op tijd. Natuurlijk zijn we nu een keer te vroeg. Terwijl we ‘een bakkie’ doen in een naburig ‘carnavalscafe in ruste’ app ik. ‘Kom maar gerust’, appt hij terug. Die zin is al Zen. Willem heeft een praktijk naast zijn woning, waar we warm verwelkomd worden. Honderden meegebrachte crossshirts vertellen netjes uitgestald de vreemde waarheid. Willem werkt niet alleen. Fysiotherapeut Marijn Mulders staat hem bij in het redden van de crossende en voetballende mensheid. De combinatie van deze twee specialisten  begrijp ik niet helemaal, maar ik ben niet bang van aliens. Het wordt me duidelijk als de behandeling start. Mijn zoon neemt plaats op de tafel en kijkt me lachend aan. Ook hij gelooft het eigenlijk niet echt. Eerst zien. Marijn komt naast hem staan terwijl Willem plaats neemt in een stoel aan een zijkant van de behandelruimte. Het is bizar. Marijn zoekt met een voorzichtige hand de tegenwerkende spieren. ‘Deze?’, vraagt Willem, met zijn ogen dicht en hoofd naar beneden. Zijn handen gaan over elkaar heen, pakkend naar dingen die ik niet kan zien. Marijn bevestigt en gaat verder. De hele lies wordt uitgekamd. Een zwelling slinkt en pijn verdwijnt. Van de 100% waar we in het begin van uit gaan zitten we al vrij snel op een procent of 30. Bizar, zoals ik al zei.

We begrijpen het niet

Willem en Marijn kijken naar dezelfde film, maar ieder in een andere stoel. Een eigen beeld. In Latijnse termen verstaan ze elkaar het beste. Niet een woord lijkt een beetje op de Nederlandse versie. Als die er al is. Het lijkt of Marijn de pijn ziet. Steeds weer legt hij zijn hand precies op de gevoelige plaats. Nee, we begrijpen het niet, maar zolang ruimtewezens me geen pijn doen zal ik niet aanvallen. Doordat mijn zoon al een langere tijd met zijn lies ‘loopt te klooien’, is de schade er aan iets heftiger dan een vers mankement. Daardoor duurt de sessie wat langer dan normaal. Als hij uiteindelijk van tafel stapt doet hij wat oefeningen waarbij hij het een uur eerder nog had uitschreeuwd van de pijn. Ik hoor hem niet. Hij lacht.

Het is soms te veel

Willem weet niet beter. ‘Ik doe dit al vanaf mijn tiende’. Natuurlijk had hij toen nog geen praktijk, maar zijn gave al wel ontdekt. Zoals velen brandweerman, piloot of politieagent willen worden als ze groot zijn, zag Willem zichzelf wel als chirurg. Vreemd genoeg koos hij uiteindelijk toch voor een opleiding als werktuigbouwkundige. ‘Achteraf komen er wel veel principes overeen met het menselijk lichaam’. ‘Toen bleek dat ik veel mensen kon helpen, was een carriëreswitch snel gemaakt’. De crosswereld was hem niet vreemd. Ooit stond hij, in de toen nog hagelnieuwe 125 klasse, aan het hek met toppers als Strijbos en Van den Berk. Door deze alom bekende infectie was het dan ook niet vreemd dat daar zijn werkterrein kwam te liggen. Ze weten hem te vinden, maar het is soms te veel. Het is geen kuilen graven, waarbij je iemand van straat kunt vragen je te helpen. Ook Willem kent verder niemand in het land die hetzelfde doet. Hetzelfde kan.

[logo-carousel id=banners-2]

‘Wat doe je nou eigenlijk allemaal?’

De pas 30 geworden Marijn komt uit een naburig dorp en hoorde in een kroeg van ‘Willems praktijken’. ‘Het was net een avonturenfilm’. De geruchten hielden aan. Marijn kon zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en stuurde Willem een mail. ‘Wat doe je nou eigenlijk allemaal?’ Zo hebben ze elkaar leren kennen. Fysiopraktijk Mulders, waar Marijn samen met zijn vader de scepter zwaait, werkt nu samen met Praktijk54. Als Marijn zelf niet kan wordt Willem bijgestaan door een andere specialist, maar altijd eentje van ‘Mulders’.  De uiterst sympathieke Marijn, zelf ex profvoetballer van onder andere Top Oss en VVV, heeft al veel gezien in het sportwereldje. Als international speelde hij nog bij jong Oranje, waar hij enorm veel levenservaring opdeed. ‘Ik weet inmiddels wel dat de bal rond is zeg maar’, lacht hij.

‘Body, Mind en Soul’

Het loopt storm in het Hegelsomse bedevaartsoord. ‘Helaas heb ik niet meer uren in een dag dan een ander’. Voor de toekomst moet er dan ook een bepaalde richting gekozen worden. Ook omdat Willems hart al meermalen een waarschuwing gaf dat hij zichzelf wel eens vergeet. Praktijk54 richt zich nu eigenlijk op meer dan een blessure genezen. ‘Body, Mind en Soul’, staat er op het kaartje. Een goed en gezond lichaam is één. Daarnaast is het natuurlijk erg belangrijk te weten wat je aan het doen bent en waarom. ‘Jammer is wel dat veel sporters te lang wachten met een behandeling’. Hoe langer je wacht, des te meer tijd zal het herstel uiteindelijk vergen. Vaak kostbare tijd. Bijvoorbeeld de schouders en rug zijn gebieden waar veel klachten vandaan komen. Preventief is er al veel langslepende ellende te voorkomen. Met je mindset op ‘Zen’, zal niet alleen het blessureleed sterk dalen, maar tegelijk het prestatieniveau aanzienlijk stijgen. Het is een balans van lichaam en geest, waarmee je het langste kunt genieten van je o zo geliefde sport. Of dat nu voetbal of motorcross is. Daar willen ze eigenlijk naartoe. Zoals alle problemen dien je ook bij sport de ellende bij de bron aan te pakken. Voorkomen blijft ten alle tijden beter.

Eén ding is wel duidelijk. Wij zijn ‘om’. Eenmaal behandeld kun je er niet meer omheen. Verklaren is niet nodig. Het is er. Willem en Marijn zijn er en daar mogen we blij mee zijn. Moeten. Mijn zoon komt net de kamer ingelopen. ‘Heb je nog last?’, vraag ik nieuwsgierig. ‘Hij kijkt me aan met een vragend gezicht. ‘Last? Waarvan?…

 

‘Een bewogen jaar’ is het geweest voor de Oirschotse Sam van de Ven. Eigenlijk is het te zacht uitgedrukt want er is heel wat gebeurd. Ook is er heel wat geleerd. Dat alles in het leven erg betrekkelijk is heeft Sam dit jaar wel ondervonden.

De klapper tijdens een training in Venlo zorgde voor veel verdriet. Vooral omdat ze op dat moment aan de leiding ging in het klassement. Voor Sam heel bijzonder omdat ze eigenlijk nog maar kort aan de crosswedstrijden van de MON meedoet. De eerste berichten waren zorgwekkend en even leek het er op dat Sam nooit meer zou crossen. Sam zou Sam niet zijn als ze er niet alles aan zou doen om toch weer op haar ‘Rakker’ te kunnen kruipen. Ze vecht zich op karakter terug en mag het na een aantal maanden, wonder boven wonder, weer proberen. Als snel heeft ze weer voldoende conditie opgebouwd om zich in Zwitserland aan te melden voor de laatste EK wedstrijd. ‘Er was niets te halen voor me. Ik had niks te verliezen, maar zo veel te winnen’. Ze wilde zo graag laten zien dat ze alles behalve afgeschreven was en dat lukte. Met een meer dan verdienstelijke 9e plaats keerde een overgelukkige Sam huiswaarts. Om het seizoen in stijl af te sluiten pakte ze in Heeswijk nog even een tweede plaats mee. Een waardige afsluiter met een vriendelijke, maar duidelijke, boodschap voor de concurrentie. Sam is terug.

Grootste fan

Sam straalt weer. Blij dat het allemaal zo positief afgelopen is en erg gelukkig met de mensen die in haar bleven geloven en ook in 2017 weer naast en achter haar zullen staan. Ze zal uitkomen in het NK dames onder de MON vlag en bij kwalificatie ook deelnemen aan zoveel mogelijk IMBA wedstrijden. Steun en toeverlaat Peter Huijbregts zal er ook volgend seizoen weer bij zijn en Sam met raad en daad bijstaan. Trainer, monteur en een luisterend oor. Ze dankt haar opa die ze als grootste fan aanrekent en ook is ze haar ouders erg dankbaar voor het feit dat ze de kans krijgt zich te ontplooien in de sport waar ze inmiddels haar hart aan verloren heeft.

Sams droom

Verder dankt ‘Team  Sam van de Ven’: Sam Johan Bollen (Ecomaxx), Twin Air, MB Tuning, Non Stop (Motul smeermiddelen), Van de Ven (Tegelbedrijf), DAJC, R2R Store Bladel, DT Piping, Das en Vlassak, Luna Glastinting, Vlemminq (Tegelbedrijf), Friet van de Laar (aannemersbedrijf) en MVD Racewear (Marcel van Drunen) voor hun hulp in het afgelopen seizoen. Hulp en vooral het geloof in het waarmaken van Sams droom.

Voor de ondersteuning van 2017 is Sam alweer druk aan de gang. Ecomaxx, Tegelbedrijf van de Ven, Tegelbedrijf Vlemmiq, DAJC, MB Tuning en R2R store Bladel hebben de toezegging al gedaan. De wil, het geloof en de spullen. MXInfected is er ook weer bij, uit bewondering en met veel respect. Nieuwe ronden met grote kansen…

Team van de Ven wenst iedereen hele fijne feestdagen en een gezond 2017.

(Foto’s met dank aan Leon van der Lee – MX Fotograaf)

 

Wederom was het erg moeilijk een geschikte foto te kiezen uit de vele inzendingen. Het ingezonden materiaal voldoet zeker aan een hoop eisen als het gaat over kleur, kwaliteit en fotomoment. Prachtig en erg bedankt daarvoor! Degene die voor mij het meest aansluit bij het begrip ‘mxinfected’ kwam deze keer uit de camera van Bart Amsing. Met deze prachtige plaat gaat ook hij meedingen naar de promofoto 2017, die in combinatie met het logo gebruikt zal worden in alle uitingen van MXInfected.nl. Bart is woonachtig in Buinen en maakt zijn foto’s onder de naam ‘Bart Amsing MX Photography’.

Foto’s voor de maand juli zijn erg welkom. Graag zenden naar olav@mxinfected.nl. Inzenden kan tot 1 augustus 2016

Bart2

 

Wemeldinge. Een beetje onwennig staat hij zich aan te kleden. Als een andere crosser hem vraagt wanneer ze aan de beurt zijn schudt hij bijna ongeïnteresseerd zijn hoofd. ‘Geen idee’. Zijn vader zit naast hem in de deuropening van de bus. ‘Niet belangrijk allemaal. Doe maar voorzichtig en probeer vooral plezier te hebben’. Dat is wel eens anders geweest.

Cross en school
Johnny van Eekelen zat al heel jong op de motor. Zijn vader, zelf ooit een redelijk succesvol BMX’r, kwam ergens een PW’tje tegen en kon het niet laten. ‘Dan kon hij een beetje rondrijden’, dacht hij, niet beseffend dat het een injectie was voor het leven. Johnny groeide en de motoren groeiden mee. In de ‘kleine klassen’ waren de prestaties bovenmaats tot hij op een punt kwam waar prioriteiten een nummer kregen. Er was cross en er was school. Altijd een lastige keuze. Samen lukt soms, maar vader was nuchter. ‘ Wereldkampioen ga je niet meer worden’ , zei hij eerlijk. Die eigenschap heeft hij van zijn vader want zonder enige moeite kon hij hem alleen maar gelijk geven. Zodoende kreeg school voorrang en daar heeft Johnny zeker geen spijt van. Als afgestudeerd ICT’r verdient hij nu zijn eigen brood en is daar meer dan gelukkig mee.

Johnny 2Ondanks er gewoon een motor in de garage stond te wachten was het vandaag toch al weer twee jaar geleden dat hij een wedstrijd reed. ‘Het begon met een zoveelste aanval van Pfeiffer. ‘Ik kampte daar al mee tegen het einde van mijn actieve cross carrière. Ik was soms zo moe dat ik tussen de manches alleen maar sliep. Niet gezond nee’. Terwijl de cross voor hem op een laag peil stond probeerde hij zijn ‘ziekte’ er uit te slapen, want dat is blijkbaar het enige medicijn.

Wat er ook was, ik zou hem helpen
‘Ik weet het nog alsof het gisteren gebeurde. De laatste wedstrijd van het OZK werd verreden, hier in Wemeldinge. Ik wilde gaan kijken maar was ook aan het klussen in ons nieuwe huisje en zat met een stroom probleem. Ik maakte de keuze dat eerst te verhelpen en eventueel later nog even langs te wippen. Al was het maar dat ik mijn maatjes nog even kon zien en wellicht feliciteren. Terwijl ik bezig was werd ik gebeld door een vriend. ‘Heb je het gehoord?, er is iemand behoorlijk gevallen in Wemeldinge’. Het gebeurt vaker en natuurlijk staat dan niet altijd je hart meteen stil. Toen hoorde ik dat het m’n beste maat Erik Koote betrof en in welke kritieke toestand hij verkeerde. Erik en ik waren onafscheidelijk, jaren lang. Vanaf ons twaalfde jaar reden en speelden we samen. Alles deelden we. Eerst kinderdingen en later ook de facetten van het leven. Ik ben als een dwaas in mijn auto gesprongen en om eerlijk te zijn weet ik niet eens meer hoe en hoe snel ik er ben aangekomen. Parkeerde mijn auto half in de sloot en rende het circuit op. Er spookte van alles door mijn hoofd, maar zo erg kon het toch niet zijn. Mijn maatje door dik en dun. Wat er ook was, ik zou hem helpen. In het ergste geval zou ik de rest van zijn leven zijn rolstoel duwen.’

Johnny 1‘Toen ik zag dat ik en iedereen om hem heen te laat waren brak er iets in me. Eerst natuurlijk ongeloof want dit kon nooit waar zijn. Wij waren toch onsterfelijk. We zouden de wereld nog veroveren. Zoveel plannen die we in de loop der jaren maakten en het onuitvoerbare bijstelden. Het was paniek. Een barre film met het slechtste eind ooit.’

‘Het is nooit meer hetzelfde geworden’
Die dag besloot hij nooit meer te crossen. Dit was het allemaal niet waard. Zovelen die zijn gevoel toen deelden zijn net als hij op een gegeven moment toch weer gaan rijden. Sommigen meteen en anderen weer later. Hij heeft er zelf erg veel moeite mee gehad. Het is nooit meer hetzelfde geworden en dan kan ook niet. Een groot verlies. Een gat in zijn bestaan. Voor zijn vader was Erik als een zoon geweest. Altijd. Ook hij voelde de pijn. Vandaag dus een clubwedstrijd in Wemeldinge. De baan waar het allemaal gebeurde. De baan waar hij nooit meer zou komen, laat staan rijden. Het leven gaat door maar verandert door de dingen die gebeuren en je overkomen. Zijn eerste wedstrijd sinds toen. Twee keer getraind.

‘Iedere ronde langs die plaats. Ik had het gevoel dat het mocht, hij er bij was. Als ik eerlijk ben weet ik goed wat Erik gezegd zou hebben. ‘Stoppen?, ben je gek, er is niks mooiers. Rijden jij!’

‘Bedankt maatje. Forever in our hearts  #74’

Hij kijkt op als ik langsloop, vanuit zijn klapstoeltje. Ik knik en ik zie hem denken; ’vraag dan iets’. Iedereen vraagt hem wel wat, want hij is hot. Hij weet inmiddels niet beter. Ik kijk alleen maar en zie dat het eigenlijk nog een kind is. Zijn gedrag is leuk. Zo jong en maximaal getalenteerd. Hij wil praten, dat merk je wel. Praten over de cross, de rijders en alles wat er op de een of andere manier mee te maken heeft. Hij heeft wat ‘grote mensen’ bij die hem laten. Hij grapt en ze lachen minzaam. Ik hoor ze bijna denken. Ik weet niet wat maar het moet apart zijn met zo’n jong manneke te werken. Je praat natuurlijk anders met hem als met bijvoorbeeld een door de wol geverfde Cairoli. Als hij aangekleed is gaat hij tegenover een van zijn monteurs staan. ‘I’ll do first five rounds fast, and then one round slow, then I’ll do four rounds fast, and one slow’ legt hij uit met zijn grappige Spaanse accent. De man knikt verveeld en lacht schuin. Hij vind het best. Het mannetje maakt een eenzame indruk. Eenmaal op zijn motor gaat hij los. Gecontroleerd en snoeihard jaagt hij zijn KTM over en door het losse zand. Hoe lang gaat een begrenzer eigenlijk mee? Mooie lijnen en een prachtige stijl. Hij speelt. Zijn naam is al net zo prachtig als zijn prestaties. Jorge Prado Garcia. 15 jaar oud en nog een hele weg te gaan. Ik geniet er van…

jagoo

Rhenen, rustiek in de bossen. Wat een geluk. Wat mooi dat je hier nog, zo’n drie keer per jaar, heerlijk mag crossen. Hobby en toppers, voor iedereen wat. De geur van de passie, alleen maar motoren, je wordt het nooit zat. Een man leert zijn dochter en ook nog zijn vrouw, de hoop in zijn ogen dat zij ooit zal zeggen, ‘ wanneer gaan we nou?’ Vader met zijn kleine meid, ze is amper tien. ‘ Wanneer gaan we weer?’ , ‘ morgen papa, morgen misschien?’ Motoren die brullen, de olie vergaat en de walm komt voorbij. Als de deur van een keuken, die langs een kier het eten verraad. De rijders zijn bazen. Als rodeo rijders in felgekleurd pak, vol in z’n zes met de kont achteruit, voorbij komen razen. Een stam met zijn strijders. Vrienden privé, maar ieder voor zich, volgers en leiders. De man met de vlag. Nooit op een motor, maar altijd paraat. Trouw op z’n kistje. Niet omdat ’t moet, maar omdat hij het mag. De omroeper schreeuwt het spektakel compleet. Zijn kennis is top, kent zijn kroost als geen ander. Omdat hij het weet. Dagen zijn lang soms, maar deze te kort. De kaarten geschud en de prijzen verdeeld. We rijden naar huis en ik kan haast niet wachten. Gelukkig dat het morgenavond alweer weekend wordt…

(Door Olav Heijt)

(Foto: MX Active)

Hij pakt zijn bord spaghetti en schuift aan. Hij is zo ontspannen dat het een beetje op eenzaamheid lijkt. Davy is rustig. Ik ken hem niet anders. Eerder zagen we hem zijn rondes doen. Davy doet zijn werk. Iedere ronde krijgt hij een bordmelding. Een seconde sneller, een seconde langzamer. Over een volle manche training scheelt het nagenoeg niks. Constant. Na drie manches over de Lommelse gaten is het einde werkdag. ‘ Het gaat weer lekker’, zegt hij vriendelijk. De snelheid is er weer en dat geeft vertrouwen. Nog niet voor de volle 100% hersteld, maar ongehaast bouwend aan. Hij neemt de tijd en we kletsen nog wat over zijn crossbestaan. Ook nog even over de komende GP in Kegums. Hij heeft er zin in, dat is duidelijk. We wensen hem veel succes als hij opstaat. ‘ We volgen je’, verzeker ik hem. Hij lacht dankbaar en vertrekt sloffend cool.

Vanmiddag zien we de torpedo aanslag van Zaragoza. Natuurlijk doet die jongen het niet expres, maar ik heb hem wel vervloekt. De pech van Jeffrey lijkt dit jaar voor Davy. Hij zal niet opgeven. Ook zal hij er weer bovenop komen zoals hij dat meerdere malen moest. Soms lijkt het een test om te kijken of ze groot genoeg zijn voor de absolute top. ‘ Als je dit kunt doorstaan mag je verder.’ Jeffrey haalde het en ook Davy gaat er gewoon komen. Nuchtere Hollanders met karakter, een groot hart en een ijzeren wil. Sterkte Davy!

Ooit heb ik er een keer mogen rijden en vaak zijn we wezen kijken. De Kerstcross in Valkenswaard was een jaarlijks spektakel. Een begrip. Daar moest je geweest zijn. Gefrustreerd liep ik daar dan rond omdat ik indertijd onvrijwillig ben moeten stoppen met de ‘actieve’ cross. Zonder kruisbanden was het niet te doen. De braces van nu vangen veel op maar toen was er niet zo veel op dat gebied. De laatste keer dat we de Kerstcross hebben bezocht ging het mis. Ik weet niet meer in welk jaar het was maar we belandden al voor de wedstrijd in de grote tent. We raakten met iedereen aan de praat en dronken bier. Veel meer dan noodzakelijk eigenlijk maar dat hoorde bij de leeftijd. Dat vonden wij dan. Op het moment dat de grote tent hard ronddraaide besloot ik maar even op te frissen buiten de tent en een stukje van de cross mee te pikken. Buitengekomen was het redelijk rustig en de laatste toeschouwers verlieten het circuit. De cross was ten einde en ik was er zelf ook wel een beetje klaar mee. Een hele middag bier drinken ga je uiteindelijk toch wel een keer merken. Eén van mijn maatjes verjaarde die dag. ‘Ik ga alvast, dan zie ik jullie straks wel’. In onze stamkroeg in Oud Gastel zouden we met z’n allen zijn verjaardag vieren. Dat feest hebben we toen niet gehaald. Bij een grensovergang werden we teruggestuurd en na wat omzwervingen zijn we uiteindelijk toch nog thuisgeraakt. Onze maat heeft staan wachten met zijn zakken vol muntjes. Gelukkig lachen we er nu om, maar toen was het vooral niet grappig. Binnenkort gaan we weer naar Valkenswaard. Dit keer de GP. Een prachtige baan met een evenzo mooi en talentvol startveld. Naarmate het dichterbij komt merk ik dat ik er een beetje nerveus van word. Het wordt de eerste keer sinds jaren dat ik de wereldtop live aan het werk ga zien. Mijn jongens kunnen ook niet wachten. Er moeten handtekeningen opgehaald worden en foto’s gemaakt. Net zoals ik deed toen ik 12 was. Ik doe wel stoer maar het zijn ook mijn helden. Nog steeds. Voor mij de allermooiste sport van de mannen van staal. 26 april ben ik ook weer even 12. Dan loop ik samen met m’n mannen in het rennerskwartier. Toppers spotten en handtekeningen vragen…

Als trouwe volger van het Amerikaanse supercrossgebeuren ben ik elk weekend naarstig op zoek naar de complete ‘main event’ verslagen van dit spektakel. Om een of andere reden lukt dat de laatste tijd niet meer en bevredig ik mijn crosslust met de ‘highlights’. Het zijn ook echt maar flitsen want ik ben nu binnen een minuut of 10 klaar met het hele gebeuren. Met een beetje pech herken je op je youtube startbeeld de rijder al, die met één hand de wedstrijd afrondt met zijn freestyle ‘finishjump’. Van ‘9 laps to go’ schiet het overzicht naar de ‘final lap’ en klaar zijn we. Het interview met de winnaar duurt nog langer. De zendtijd van dat eindgesprek is hoogstwaarschijnlijk dikbetaald door het team. Verscholen achter zijn blikje sportdrank hoor ik de beste man zijn team, de sponsors, zijn vader en moeder, zijn kleine zusje, de hond van de buren en zijn monteur nog even in het bijzonder, bedanken. Ook zonder zijn bandensponsor had hij het waarschijnlijk niet gered.
Ik ben nog steeds fan maar ‘the trill is gone’.